De menselijke natuur en een menselijke samenleving volgens Chomsky (Human nature and a humane society according Chomsky)
Article for Nait Soez'n, Royal University of Groningen
2011-01
De menselijke natuur en een menselijke samenleving volgens Chomsky
Op 13 maart geeft Noam Chomsky, één van de grootste filosofen en prominent politiek analist en activist, een lezing in Amsterdam over de huidige toestand van de wereld. Chomsky’s gedachtengoed is zeer invloedrijk en betekenisvol voor de vorming van onze toekomst. Ter begrip van zijn visie een bondige analyse van Chomsky’s onderliggende overtuigingen over de mens en maatschappij.
De creatieve natuur van de mens
De huidige conceptie van de menselijke geest - als wisselwerking tussen natuur en omgeving - is sterk geworteld in Chomsky’s linguïstiek, waarmee hij het voorheen overheersende empirisme en behaviorisme onttroonde. Eind 17e eeuw ontstond met Locke het Brits empirisme, doorontwikkeld onder Hume, Russell en Carnap. Daarin is de mens een ‘tabula rasa’, een onbeschreven cognitief blad, en al zijn kennis stoelt op ervaring. Met Pavlov en Watson kwam begin 1900 hieruit het behaviorisme voort, als psychologisch exponent. Daarin wordt al het menselijk gedrag verklaard als conditionering, leerprocessen uit reacties op prikkels van buitenaf. Op dezelfde wijze verklaarde Skinner ook taalgebruik.
Hierop schreef Chomsky een kritiek, waarin hij een Cartesiaanse linguïstiek uiteenzette, gebasseerd op de ideeën van Descartes en von Humboldt. Zoals Descartes’ lichaam en geest onderscheiding, richt taalonderzoek zich, volgens Chomsky, niet op het ‘lichaam’ van taal – haar mechanisch gebruik -, maar middels introspectie op de structuur van taal – de menselijke natuur en mentale processen.
Chomsky stelde dat de mens een aangeboren universele grammaticaal systeem heeft, formele structuren waaruit natuurlijke talen voortkomen. Toch kunnen wij vanuit deze eindige set regels, een oneindig aantal zinnen creëren. Dit creatieve taalgebruik grond in de vrijheid van pragmatisme – door ons zwakke instinct – en onafhankelijkheid – van externe stimuli.
Taal is het best bekende gebied van de menselijke geest, maar Chomsky stelt dat de werking ervan model staat voor andere aspecten van het menselijk intellect, waaronder esthetiek en moraal. Hij veronderstelt dat daarin de zoektocht naar vrijheid binnen natuurlijke structuren centraal staat en creativiteit aan de basis ligt van intellectuele prestaties. Chomsky’s werk ontketende de cognitieve revolutie, waarin de psychologie verschoof van primair behavioristisch naar cognitief. Hierin liggen echter nog vele belangrijke onderzoeksmogelijkheden, maar Chomsky heeft reeds het beeld van de maakbare mens en samenleving fundamenteel ontkracht. Daartegenover stelt hij dat de mens een omgeving behoeft waarin hij in vrijheid zijn natuurlijke creativiteit kan ontplooien.
De schijn van een vrije samenleving
Onze huidige maatschappij is echter georganiseerd naar andere principes en bestaat nog sterk op behavioristische wijze. Chomsky ziet ons educatiesysteem als conditionerend instituut. De prestatie en competitiegerichtheid indoctrineert overtuigingen – zoals hiërarchische waarden - en gedragingen – zoals gehoorzaamheid -, terwijl zij juist zelfontplooiing blokkeert. Daarnaast stelt Chomsky dat media niet de veronderstelde rol van machtscontroleur vervult. Middels gedetailleerde analyses toont hij dat massamedia juist als propagandamiddel dient, gecontroleerd door en conform de politie-economische belangen van de machtselite - een netwerk van grote bedrijven conglomeraties.
Vrijheid is in onze maatschappij slechts schijn, stelt Chomsky. Het libertarisme stelt dat leven en vrijheid natuurlijke rechten zijn. Vrijheid bestaat bij het libertair kapitalisme in ‘vrije onderneming’ – anders dan slaven zijn wij vrij om te handelen, bezitten en onze arbeid te verkopen. Volgens Chomsky is deze associatie tussen libertarisme en kapitalisme bedrieglijk, omdat ‘vrije onderneming’ slechts schijn is.
Eigendomsrecht breekt deze vrijheid af, doordat het privaatbezit van productiemiddelen, waaronder levensnoodzakelijkheden, mogelijk maakt. Daarmee is de keuze je arbeid te verkopen een schijnkeuze, want bij weigering verlies je je natuurlijke rechten. Hierdoor rest enkel loonslavernij.
Andere essentiële kritiek op het kapitalisme destilleert Chomsky uit het werk van Adam Smith. Smith stelt dat de mens als gespecialiseerd productiemiddel degradeert tot radar in een machine en een dom wezen verwordt, omdat hij de gelegenheid tot zelfontwikkeling verliest. Juist dit laatste acht Chomsky essentieel, want hij ziet vrijheid niet in ‘vrije onderneming’, maar in ‘vrije creativiteit’ – mogelijkheid tot zelfrealisatie. Chomsky heeft als libertair socialist, of specifieker anarcho-syndicalist, een maatschappij voor ogen gericht op de vrijheid en behoeftes van elk lid. Vrijheid in arbeidsverbintenis, mogelijkheid om capaciteiten te ontwikkelen, creatieve arbeid en sociale participatie. Dit is een non-hiërarchische staatloze maatschappij, zonder privaatbezit van productiemiddelen. Gebaseerd op basis van democratische controle over gemeenschappen en werkplekken in gedecentraliseerde directe controle van instituties door allen die erin participeren en er door beïnvloed worden. Een systeem van burgerbijeenkomsten, consumenten- en arbeidersraden.
Het modern libertair kapitalisme is gegrond in het idee dat de mens van nature streeft naar macht en bezit. Chomsky stelt dat de mens daartegenover ook andere eigenschappen en behoeftes heeft, welke niet minder deel van onze natuur zijn, zoals solidariteit, zorg, sympathie en essentieel vrijheid en creatieve arbeid. Een maatschappij zou georganiseerd moeten worden zodat ook deze kunnen floreren.
De geschiedenis bestaat in de afbraak van machtssystemen en de vooruitgang naar vrijheid. Zichtbaar in de onttroning van koningen, afschaffing van slavernij, ontwikkeling van burger- en vrouwenrechten, etc. Deze vooruitgang en de vrijheden die wij nu hebben zijn geen cadeautjes, maar vereisen ons vanaf onderaf te strijden tegen bestaande macht. Directe actie ziet Chomsky hiervoor ook als cruciaal in deze strijd.
Noam Chomsky, Westerkerk Amsterdam, zondag 13-03-2011, 15:00 uur. Informatie & kaarten: www.chomsky.nl